Voor installatiebedrijven is het vaak onduidelijk welke verzekering wanneer nodig is. Zeker bij schade tijdens installatiewerkzaamheden ontstaat regelmatig discussie. Valt de schade onder de bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering? Is opzichtdekking voldoende? Of is een CAR/montageverzekering noodzakelijk? In dit artikel leggen we dit uit aan de hand van een herkenbaar praktijkvoorbeeld.
Wat dekt een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering (AVB)?
Een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering (AVB) is bedoeld voor schade die jouw bedrijf veroorzaakt aan zaken van anderen of aan personen. Denk bijvoorbeeld aan schade aan een vloer, muur of andere aanwezige zaken tijdens installatiewerk.
Wanneer je tijdens een klus per ongeluk iets beschadigt dat geen onderdeel is van jouw opdracht, valt dit in de meeste gevallen onder de AVB. Het gaat hierbij om bestaande zaken in de ruimte die niet direct bij jouw werkzaamheden horen. Voor dit soort schade is geen opzichtdekking nodig.
Een belangrijk aandachtspunt bij de AVB is de verzekerde hoedanigheid en het type opdrachtgevers. Verzekeraars kijken namelijk kritisch naar wat voor werkzaamheden je uitvoert en voor wie. Onlangs hebben we een installatiebedrijf dat laboratoriumapparatuur installeert geadviseerd over zijn verzekeringen. Ziekenhuizen zijn voor hen een belangrijke opdrachtgever. Dit soort opdrachtgevers wordt bij veel verzekeraars standaard uitgesloten van dekking. Juist daarom is het essentieel dat de verzekering goed aansluit op de feitelijke werkzaamheden en klantenkring van het bedrijf.
Lees meer over de persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurders als geen passende bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering is afgesloten.
Wanneer speelt opzichtdekking een rol?
Dat verandert op het moment dat je werkt aan spullen die je tijdelijk “onder je hoede” hebt. Dit noemen we opzicht. Bij installatiewerkzaamheden komt dit vaak voor.
Stel dat je als installatiebedrijf laboratoriumapparatuur installeert die al door een leverancier aan de opdrachtgever is geleverd. Tijdens de installatie raakt het apparaat beschadigd. In deze situatie werk je actief aan een object dat van een ander is en dat je tijdelijk onder je hebt. Zonder opzichtdekking is deze schade meestal niet verzekerd. Met een passende opzichtdekking op de AVB is schade aan het object waaraan je werkt wél gedekt.
Het is daarbij belangrijk om te weten dat een opzichtdekking vrijwel altijd een lager verzekerd bedrag heeft dan de totale dekking van de AVB. Dit wordt ook wel een sublimiet genoemd. In de praktijk zien we regelmatig dat dit bedrag onvoldoende is in verhouding tot de waarde van de apparatuur waarmee wordt gewerkt. Het is daarom verstandig om deze limiet expliciet te controleren en af te stemmen op de risico’s binnen je projecten.
Een belangrijk misverstand is dat met opzichtdekking ook alle gevolgkosten zijn verzekerd. Dat is niet het geval. Hoewel de schade aan het object zelf gedekt kan zijn, geldt dit niet voor het opnieuw (gedeeltelijk) uitvoeren van de installatie door jouw bedrijf. Werk dat onder jouw eigen opdracht valt, zoals extra uren om de installatie opnieuw uit te voeren, komt niet voor vergoeding in aanmerking onder de AVB. Dit soort kosten is alleen verzekerd via een CAR- of montageverzekering.

Wanneer is een CAR- of montageverzekering noodzakelijk?
De situatie wordt anders wanneer het installatiebedrijf zelf de apparatuur levert. In dat geval ben je niet alleen verantwoordelijk voor de installatie, maar ook voor het materiaal zelf. We zien dit veel bij bijvoorbeeld installatiebedrijven van airco/luchtsystemen, zonnepanelen, rioolwerkzaamheden en elektra.
Als er tijdens de installatie schade ontstaat aan de apparatuur, dan valt dit niet onder de bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering. Ook niet als je een opzichtdekking hebt. De reden is dat het gaat om eigen geleverde zaken, en die zijn uitgesloten op een AVB.
In deze gevallen is een CAR/montageverzekering noodzakelijk. Deze verzekering dekt schade aan de te installeren apparatuur tijdens de montage, maar vaak ook tijdens transport en opslag, afhankelijk van de gekozen dekking. Daarnaast vergoedt een montageverzekering ook de kosten om het werk opnieuw uit te voeren als er iets misgaat, zoals extra arbeidsuren en herstelwerkzaamheden. Dit soort kosten vallen niet onder een AVB.
Waarom wordt er niet altijd gekozen voor een CAR- of montageverzekering?
In het praktijkvoorbeeld van dit installatiebedrijf bleek dat het merendeel van de opdrachten bestaat uit het installeren van apparatuur die door derden is geleverd. De situaties waarin het bedrijf zelf apparatuur levert, komen minder vaak voor en betreffen doorgaans materialen met een relatief lagere waarde.
Op basis daarvan heeft het bedrijf bewust de keuze gemaakt om geen montageverzekering af te sluiten. In plaats daarvan dragen ze dit risico zelf, omdat ze voldoende financiële reserves hebben om eventuele schade op te vangen. Dit laat zien dat verzekeren altijd maatwerk is en afhankelijk van zowel je werkzaamheden als je risicobereidheid.
Welke verzekering heb je nodig?
De kern van het verschil zit in een eenvoudige vraag: van wie zijn de materialen waar je aan werkt? Werk je met spullen van de opdrachtgever of een leverancier, dan is opzichtdekking essentieel. Lever je zelf de materialen en/of vereisen je opdrachten vaak veel uren? Dan is een montageverzekering het overwegen waard.
In veel gevallen is een combinatie van beide verzekeringen de meest veilige keuze, maar het kan ook een bewuste afweging zijn om bepaalde risico’s zelf te dragen. Het is daarom belangrijk om per project en per bedrijfsmodel goed te kijken naar de risicoverdeling, contractuele afspraken en de financiële impact van mogelijke schade.
Laat je verzekeringen controleren
Twijfel je of jouw installatiebedrijf goed verzekerd is, of wil je laten controleren of je huidige verzekeringen nog aansluiten bij je werkzaamheden en opdrachtgevers? Neem gerust contact met ons op. We kijken graag met je mee en zorgen dat je niet voor verrassingen komt te staan.